Toespraak 60 jaar DAF trucks Westerlo
*** Deze toespraak is uitgesproken op 19 juni 2026. Enkel het gesproken woord telt.***
Geachte dames en heren,
U kent wellicht het idee dat wij mensen onderling allemaal verbonden zijn.
Een beetje zoals alle wielen van een DAF-truck verbonden zijn door een sterke as uit Westerlo.
Sommigen zien daar kosmische krachten in.
De spirituele eenheid van alle mensen.
Dat klinkt mij iets te wollig.
Anderen wijzen dan weer naar theorieën zoals de “six degrees of separation”, het concept dat eender welke twee mensen door hoogstens zes tussenpersonen of -stappen van elkaar verwijderd zijn.
Wat er ook van aan is, wanneer iemand zo vriendelijk is om mij uit te nodigen als er iets te vieren is, dan stel ik me altijd de vraag: heb ik er misschien een band mee?
Het is immers altijd leuker om een anekdote te kunnen vertellen en een persoonlijke toets aan een toespraak te kunnen geven.
Voor deze mooie zestigste verjaardag van DAF Trucks in Westerlo hoefde ik daar alvast niet ver voor te zoeken.
Een korte lezing van de biografie van stichter Hub van Doorne bood voldoende inspiratie.
Hub zette namelijk zijn eerste stappen als ondernemer in een klein atelier van de ondertussen verdwenen dorpsmolen van Deurne.
Nu wil het toeval dat ik zelf ook in Deurne woon.
Niet daar bij de molen, maar naast de beroemde Mevrouw Leemans en tegenover het café het het Mestputteke.
Zulke buren houden de beide voeten stevig op de grond.
Toegegeven, nader toezien leerde me dat het Deurne van Hub en mijn eigen Deurne liggen ongeveer 100 kilometer in vogelvlucht van elkaar.
Maar u ziet meteen hoe weinig er nodig is om die persoonlijke link te vinden.
*
Dames en heren
Er zijn weinig grote bedrijven in de Lage Landen met zo’n rijke en bewogen geschiedenis als DAF.
Ik kan het niet laten om daar even op in te gaan, want het is een bijzonder mooi verhaal.
Hub van Doorne begon zijn loopbaan in de smidse van zijn vader.
Hij verzorgde er paardenhoeven.
Nadat hij zijn vader al op jonge leeftijd verloor, probeerde hij met vallen en opstaan een eigen bedrijf uit de grond te stampen.
In 1928 richtte hij uiteindelijk de machinebouwplaats op die zou uitgroeien tot DAF.
Hub stak dus maar al te graag de handen uit de mouwen en was niet afkerig van het begrip al doende leert men.
Dat waren ook geen overbodige karaktertrekken in die tijd.
De streek tussen Deurne en Eindhoven waar Hub opgroeide, kreeg het in het interbellum zwaar te verduren.
De tweede helft van de negentiende eeuw had nog een ongelofelijke bloeiperiode ingeluid voor de zogenaamde Brabantse Peel.
Nieuwe spoorverbindingen en industrialisering maakten de grootschalige turfontginning mogelijk die welvaart bracht in de “donkere gewesten”, zoals de bijnaam van de Peel luidde.
Na de Eerste Wereldoorlog ging de vraag naar turf echter sterk achteruit door de opmars van steenkool.
De veenontginning maakte grotendeels plaats voor landbouw en natuurbescherming.
Maar het industriële karakter van de streek bleef bewaard door twee Eindhovense sterkhouders: Philips en – uiteraard – DAF.
*
Hub begon zijn machinefabriek door nauw met Philips samen te werken, maar had een duidelijke eigen visie gemengd met een flinke portie durf.
Hij begon aanhangwagens te produceren en bouwde na enkele jaren ook volwaardige vrachtwagens.
En daar stopte het niet.
In de jaren vijftig reed hij rond met een forse Buick, een automaat – toen nog zeer zeldzaam in Europa.
Hij zag het welvaartswonder na de Tweede Wereldoorlog rond zich, en bedacht zich plots dat elke Nederlander wel zo’n comfortabele auto zou willen.
Maar dan natuurlijk wel op Nederlandse, zuinige maat.
Prompt begon hij te sleutelen aan een compactere automatische versnellingsbak: de Variomatic, het “pientere pookje”.
Wat later was de DAF 600 geboren, Hubs eerste personenwagen.
In de jaren zestig groeide DAF net als de Kever en de Deux-chevaux uit tot een symbool van de betaalbare wagen voor de gewone man en vrouw in de straat.
Het was een tijdperk waarin de auto nog onbeschaamd gelijkstond aan vrijheid, zelfbewustzijn, welvaart en emancipatie.
Maar, de DAF had jammer genoeg niet de beste reputatie.
Niet zozeer door de techniek, die was uitstekend.
De DAFs waren naast betaalbaar ook hoogst betrouwbaar.
Het probleem zat in het imago.
Bij onze Noorderburen werd er veelal op neergekeken.
De wagens waren provinciaals – en “provinciaals” heeft jammer genoeg altijd een minachtende ondertoon.
In Vlaanderen was een DAF een auto voor saaie, oude mensen.
“Ah, hedde een Dafke gekocht,” klonk het dan kleinerend.
Dat imago van een “Dafke”, of “truttenschudder” zoals het boven de Moerdijk klonk, heeft DAF nooit meer van zich af kunnen schudden.
Pas veel later, lang nadat DAF de productie van personenwagens had overgegeven aan Volvo en de vrachtwagenbouwer zelf was opgegaan in internationale handen, kwam er meer waardering.
De “goede oude tijd” is zoals wel vaker het kind van ons selectief en slecht geheugen.
*
Dames en heren
Die boomende jaren zestig is de tijd waar we deze festiviteiten aan te danken hebben.
Door de aanzwengelende productie van personenwagens en de groeiende vraag naar vrachtwagens, keek DAF uit naar uitbreiding.
Dat kon op zich in Eindhoven, maar er was een tekort aan technische arbeidskrachten.
Daarom keek DAF over de grens.
Het oog viel op Westerlo.
Om te begrijpen waarom Westerlo voor DAF de ideale keuze was, grijp ik graag even terug naar een citaat van Victor Hugo.
In 1837 reisde de Franse schrijver door de Lage Landen.
Antwerpen vond hij trouwens admirable – ik geef het maar mee.
Over de Kempen was hij iets minder lyrisch, maar hij verwoordde het wel erg poëtisch:
“Ce n’est plus la grasse Flandre verte ; c’est un banc de sable (…) La lande est immense et aride comme une plaine de la Vieille-Castille.”
[De Kempen] is niet langer het vruchtbare, groene Vlaanderen; het is een zandbank. De heide is er uitgestrekt en dor zoals een vlakte in Oud Castilië.
Net als de Brabantse Peel waren de Kempen eeuwenlang een kale, arme landbouwstreek.
Vlak na Victor Hugo’s reis werd ze in de jaren 1840 nog hard getroffen door de hongersnood die in heel het land ongeveer 44.000 slachtoffers maakte.
Maar in 1901 haalde een proefboring in het Limburgse As steenkool boven.
Talloze mijnen, waaronder die van Beringen, Zolder en Houthalen hier niet ver vandaan, schoten uit – of liever in – de grond.
Ironisch genoeg was het de bloei van de Kempisch-Limburgse steenkoolmijnen die mee de doodsteek gaf aan de turfontginning in de Peel.
De achteruitgang van de geboortestreek van Hub van Doorne werd mee veroorzaakt door onze mijnen.
Maar in de jaren 1960 waren de kansen gekeerd.
De mijnen kregen het steeds moeilijker.
De steenkoolcrisis en de verlieslatende ontginning zorgden voor afvloeiingen en malaise.
Aan bekwame arbeiders op zoek naar een goede job was in de Kempen dus geen tekort.
Tegelijk was er een goede verbinding met Eindhoven en lag Westerlo op de belangrijke as tussen de Noordzee en het Ruhr-gebied.
De Koning Boudewijnsnelweg, het Belgische traject van de E313 tussen Antwerpen en de Duitse grens, was in november 1964 ingehuldigd.
Een maand nadien tekende DAF de papieren voor de site in Westerlo.
DAF koos in Westerlo dus voor een site op het kruispunt van logistiek en industrie.
En die keuze levert zestig jaar later nog steeds de vruchten op die wij vandaag in de bloemetjes zetten.
*
Dames en heren
Ik ben zonet in sneltreinvaart – naar mijn normen – door de DAF-site geloodst.
De voorbije tien jaar heeft DAF hier maar liefst 650 miljoen euro geïnvesteerd.
Dat is meer dan 30.000 euro per werknemer per jaar.
En dat zie je.
Twee jaar geleden riep Agoria deze site uit tot Factory of the Future.
Het is een eerbewijs dat ook afstraalt op de volgende generaties.
De woestenij van Victor Hugo is hier omgetoverd tot een symbool van het moderne, toekomstgerichte, welvarende Vlaanderen.
Het is een symbool waar de tweeduizend DAF-medewerkers trots op mogen zijn.
En het is een symbool waar ik als eerste minister bijzonder dankbaar voor ben en dat ik mee zal bewaken, bewaren en bevruchten.
*
Dames en heren
Onze voorouders moesten een antwoord vinden op de neergang van de turfontginning en de steenkoolmijnen.
Ze slaagden erin om deze streek telkens opnieuw uit te vinden.
Van landbouw naar ontginning.
Van ontginning naar industrie.
En van industrie naar de spitstechnologie die hier vandaag van de band rolt.
Ook wij moeten de uitdagingen van onze tijd tegemoet gaan.
De Europese maakindustrie gaat door woelig vaarwater.
Maar als de geschiedenis van deze site iets bewijst, dan is het wel dat wie blijft investeren in technologie en talent, geen schrik moet hebben voor de toekomst.
En wie durft investeren, moet daarin ook gesteund worden.
Daarom maakt de federale regering werk van wat bedrijven als DAF nodig hebben: sterkere competitiviteit, energiezekerheid, en administratieve vereenvoudigingen die investeren aantrekkelijk maken.
Want bedrijven als DAF moeten we koesteren.
Ik zal mij als eerste minister ook altijd voor de belangen van onze bedrijven, onze jobs en onze welvaart inzetten.
Wie lijdt aan doemdenken en er iets aan wil doen, raad ik voortaan van harte een bezoek aan DAF hier in Westerlo aan.
Wie buiten stapt, zal het geloof terug gevonden hebben.
Geloof in de kracht van ons talent.
Geloof in economische groei.
*
Dames en heren
Tot slot wil ik nog kort iets zeggen over moederbedrijf PACCAR, waar DAF nu al dertig jaar onderdeel van uitmaakt.
Net zoals DAF heeft ook PACCAR een rijk verleden, dat teruggaat tot de Pacific Car and Foundry die meer dan een eeuw geleden in het Amerikaanse noordwesten ontstond.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog schakelde PACCAR zoals vele andere bedrijven haar activiteiten in voor de oorlogseconomie.
Ze maakte onder meer vleugels voor B-17-bommenwerpers en werkte voor de Amerikaanse marine.
Maar ze stond in het bijzonder bekend voor de M4-Shermantanks die ze bijna geheel zelfstandig kon bouwen.
In totaal werden er ongeveer 49.000 Shermantanks tijdens de oorlog gebouwd.
Mee dus dankzij de inspanningen van PACCAR.
Deze Shermantanks waren van onschatbare waarde bij de bevrijding.
Ze werden onder meer gebruikt door de Britse 11de Pantserdivisie die Antwerpen bevrijdde.
*
De Shermantanks werden ook ingezet door de Sherwood Rangers tijdens de Slag om Geel hier vlakbij, één van de zwaarste gevechten in Vlaanderen.
En ze werden gebruikt door de Irish Guards die het Eindhoven van Hub van Doorne op 18 september 1944 bevrijdden.
De kans bestaat dus dat sommige van de Shermantanks die ons bevrijdden, van een PACCAR-band waren gerold.
En zo lijkt het er toch weer sterk op dat alles met elkaar verbonden is.
De Peel, de Kempen en de Verenigde Staten.
*
Dames en heren
Ik wil u bedanken voor de uitnodiging.
En ik zeg van harte: gefeliciteerd.
Gefeliciteerd met dit zestigste jubileum.
Gefeliciteerd, iedereen die elke dag hard werkt om het volgende hoofdstuk van dit indrukwekkende verhaal te schrijven.
Ik dank u.